Vliegeren in China

Tijdens het werken op het land vloog de hoed van een Chinese boer door een windvlaag af. Geschrokken holde hij er achteraan en kon nog net het touw grijpen waarmee de hoed normaal op zijn hoofd gebonden was. De hoed dansde en wapperde in de wind. De boer had daar zo’n plezier in dat hij het later bleef herhalen. De vlieger was geboren. Dit is een van de oudste verhalen die over vliegeren bekend is. Het is daarom vrijwel zeker dat de bakermat van het vliegeren in China ligt.

Andere verhalen spreken over een keizerlijke vlag die beter zichtbaar moest zijn en gespannen op een bamboeframe de lucht in werd gelaten. De makers ervan zouden daartoe geïnspireerd zijn door het zien van zeilboten. . Een geschrift uit 487 voor onze jaartelling vertelt over de Chinese filosoof Mo Zi, die 3 jaar bezig is geweest met het bouwen van een vliegende houten havik. De oude geleerde vloog er een dag mee voordat zijn vlieger gevlogen ter aarde stortte en in stukken uiteenspatte. Ook bestaat er een legende over de oorlog tussen de legers van Han Hsin en Hsiang Yu. Han Hsin had zijn troepen opgedragen grote vliegers uit te rusten met fluiten en die boven het kamp van de vijand te laten zweven. Het leger van Hsiang Yu vluchtte in de veronderstelling dat het hun beschermengel was die daar boven hun hoofden zong om ze te waarschuwen voor een groot onheil.

Algemeen wordt aangenomen dat de eerste vliegers van bladeren werden gemaakt.

In Indonesië worden van bladeren gemaakte vliegers nog steeds gebruikt om er mee te vissen.

Later werden vliegers van kostbare zijde gemaakt. Tijdens de Han-dynastie werd het papier uitgevonden en kon dit materiaal als zeil gebruikt worden voor vliegers. Hierdoor werd vliegeren snel populair als volksvermaak. De mensen geloofden dat ze er kwade geesten mee buiten bereik hielden en dat ongeluk erdoor vermeden werd. Tijdens de Sung dynastie (950 – 1226) bestond er een nationale vliegerdag. Wie op die dag een vlieger op te liet kon een jaar van geluk en voorspoed tegemoet zien. De Chinezen dachten dat vliegers de geestenwereld betraden en alle ellende van ons aardse stervelingen met zich mee namen. Met de komst van het Rode Leger werd vliegeren verboden, omdat het te maken had met oude gebruiken en dus verderfelijk was. Tegenwoordig is het vliegeren weer in ere hersteld. Iedere 9e dag van de 9e maand is het weer vliegerdag. De chinezen staan dan met het hoofd licht gebogen naar hun vlieger te staren. De mond daardoor een klein stukje open. Daardoor kan overtollige warmte het lichaam verlaten. Goed voor de balans tussen Yin en Yang.

Tweet en Like!