Oogstgebruiken in Nederland (deel 4)

Vierde deel van een vijfdelige film over oogstemethoden en oogstegebruiken in Nederland rond 1926. In dit deel een beeld van de koolzaadoogst in Groningen, die wordt gevolgde door een traditioneel dorsmaal.

00.00 Groninger boerenjoch tussen bloeiende koolzaadplanten
00.07 Jongens lopen achter schapen aan langs de rand van koolzaadveld
00.12 Boer Toppingga inspecteert met hopman Freerk Kiewiet koolzaadveld
00.20 Bloeiend koolzaadveld
00.23 Trekpaarden aan het voerhek krijgen extra voer
00.33 Wagens met het dorsvolk en gereedschappen rijden het erf af. Voorop de kleedwagen met het dorskleed, dan de blokwagen met het dorsblok tenslotte de zaadwagen met de lege zakken en jonge helpers
01.04 Het gereedschap wordt in snel tempo van de kleedwagen gelost
01.17 Het achterschot van de wagen wordt afgenomen en het zware dorskleed met vereende krachten van wegrijdende wagen getrokken
01.35 Dorsers leggen het meer dan 1000 m2 grote dorskleed uit over de legerstede, een vlak gemaakt stuk op de akker
02.21 Blokwagen komt aanrijden en stopt bij het kleed
02.29 De paarden worden uitgespannen waarna de mannen de rongenwagen kantelen, zodat het kegelvormige dorsblok (gewicht tot 1000 kg) op de grond valt. Dan wordt de wagen weer op de wielen gezet
02.41 Een vierkant houten raam wordt om en aan het blok in elkaar gezet
02.52 De voerman spant de wagen in voor het dorsblok dat vervolgens naar het dorskleed getrokken wordt
03.12 Dorsen van koolzaad met het achter de paarden voortrollende dorsblok
03.16 Vrouwen, jongens en mannen zoeken naar resterende koolzaadkorrels.
03.23 Bijeenrapen van koolzaadbundels
03.26 De eerste bundels worden opgeriekt
03.31 Tweetal vrouwen vullen met vorken een draagzeil met bundels koolzaad
03.49 Dragers bevestigen draagkussentjes op hun draagschouder
04.00 Nemen dan het volle draagzeil op, dragen het naar het dorskleed waar het leeggekiept wordt. Opschudders formeren meteen de eerste leg
04.16 Voerman laat zijn paarden in een cirkel de dorsrol over het koolzaad trekken. Voor en na de pletrol schudden opschudders het koolzaad op zodat de zaadkorrels er uit vallen. Als er voldoende dors is leidt de voerman zijn paarden naar een ander stuk op het dorskleed om daar te pletten. Op de eerste plek wordt het koolzaad opnieuw geschud waarna opnieuw gedorst wordt. Dan verplaatsen de opschudders de gedorste struiken in snel tempo al opschuddend naareen grote hoop naast het kleed
05.54 Vrouw naait beschadigde plek in het kleed dicht
06.03 Freerk Kiewiet schenkt uit een tien liter jeneverkruik Jan Doedel (jenever met stroop) in een koperen koffieketel
06.10 Freerk Kiewiet biedt de auteur, heer D.J. van der Ven een borrel aan die hij echter zelf opdrinkt. Het 2e borreltje overhandigt hij aan de schrijver
06.30 De dragers, opleggers en schudders krijgen een borrel aangeboden waarbij een vrouw zich de drank goed laat smaken
06.46 Vier mannen nemen een draagzeil op en brengen het naar het dorskleed waar het leeggekiept wordt. Een onder de struiken verborgen jongen kruipt naar de landeigenaar en overhandigt hem een bundeltje groen en bloemen
07.26 Dorsers begeven zich weer naar het dorswerk waar ze eerst een borrel aangeboden krijgen
07.37 Terwijl twee gedienstigen (dienstmeiden) het bestek poetsen poseert vrouw Kiewiet met bord met ronde houten schijven voor de camera
07.59 Meisje verbrokkelt beschuit in bruine schotels en voegt een melkpap toe
08.14 Melk-en-twaibak, melk met beschuit in een schotel
08.21 Een diep bord geheel gevuld met een homp schenk (schenkelvlees, ham)
08.28 Vrouw Kiewiet snijdt plakken van een stuk ham af
08.45 Vervolgens ontdoet zij een klont (noot 2) van het linnen zakje
08.51 Met een in gesmolten boter gedoopt touwtje snijdt zij plakken af van de klont
09.04 Tafel met klonten en schalen
09.11 Dorsers schuiven het gedorste koolzaad op een hoop
09.17 Dorsers zetten een driepoot op waaraan zij een trapeziumvormige zeef hangen
09.27 Het koolzaad wordt op de zeef geschept waarmee door schudden het zaad uitgezeefd wordt, dat vervolgens in jutezakken geschept wordt, die, dichtgebonden, door twee man op zaadwagen geladen wordt
09.55 Dorsers trekken het dorskleed om, laten het in de wind bollen en leggen het weer neer om opgevouwen te worden
10.19 De drie wagens verlaten de akker langs de hoog oplaaiende vlammen van de in brand gestoken hoop koolzaadstruiken
10.54 Dorsmaal voor de werkers gezeten aan lange U-vormige tafels
11.04 Vrouw Kiewiet en de gedienstigen dragen schotels melk-en-twaibak aan, direct gevolgd door schalen klont
11.18 De gastvrouw vult een schoteltje met saus uit stroop-en-azijn waaraan gesmolten boter wordt toegevoegd
11.22 Eter doopt een stuk klont in de saus alvorens het op te eten
11.31 De gastvrouw en haar hulpen brengen meer melk-en-twaibak
11.34 Etende werkers, bijvullen van schoteltjes saus, close-ups van de etende vrouwen en mannen die eerst stukken in saus gedoopte klont en tussendoor pap verorberen
12.24 Het vuur van de brandende hoop koolzaadstruiken vermindert
12.29 EINDE

Tweet en Like!